maandag, mei 12, 2008

12-05-08 Jeugdige zwendelaars

“Wij hebben schelpjes. Wilt u ze kopen?”

Verdwaasd sta ik in m’n korte broek in de deuropening. Twee meisjes van hooguit 6 jaar staren me aan met grote, bruine ogen en lang zwart haar. Ze hebben teveel schelpjes bij zich voor die kleine handjes en ik zie het spoor lopen tot aan de lift. Arm schelpje… weggerukt bij je vriendjes op het schelpenpad naast de flat en nu proberen ze je als een decoratief stuk te verkopen aan een kale vent op slippers. Rotzakken.
Ik kijk de meisjes aan en probeer de vraag goed te begrijpen. Ik zou hen geld kunnen geven voor de moeite die ze hebben gedaan om de schelpjes naast de flat op te rapen, met de lift naar boven te brengen en ze bij mij thuis te deponeren, maar wat moet ik er eigenlijk mee?
Maak ik een soort mozaiekje van schelpjes dat ik op de wc kan hangen (of gebruiken), of zal ik de schelpjes na aanschaf gewoon wegmieteren en me de rest van de dag verkneukelen over mijn goede daad dat ik die twee meisjes heb verblijd met een aalmoes?

“Hoeveel schelpjes krijg ik voor twintig cent?”

De meisjes kijken elkaar aan. Ze verbazen zich waarschijnlijk allebei dat ze echt een sukkel hebben gevonden die ze van die stomme, tweederangs ex-slakkenhuizen af wil helpen.
Er is kort overleg.

“Vijf” roepen ze allebei. Ik blijf een allochtoon in hart en nieren en ga de onderhandeling in. “Tien wil ik er, en geen schelpje minder.” Weer kort overleg.
Blijkbaar ben ik niet de enige allochtoon, want het antwoord volgt snel: “Voor twintig cent geven we u vijf schelpjes, maar dan krijgt u deze grote erbij.”
Ik moet hardop lachen om de onderhandelingsvaardigheden van deze twee kleine entrepreneurs.
“Wat gaan jullie eigenlijk met het geld doen?” vraag ik, nog steeds glimlachend.
“Snoep kopen.” roepen ze weer in koor.

Kijk… dat is nog eens een goed doel.

Vrolijk huppelend gaan de meisjes naar de volgende deur, onderweg weer wat schelpjes verliezend. Ik kijk ze na en schud grijnzend m’n hoofd. Wanneer ik de deur sluit kijk ik naar de schelpjes in m’n hand en denk terug aan alle kale sukkels op slippers die ik vroeger wist te verleiden tot het kopen van een tekening of geplukt bloemetje, met trekdrop of kauwgum als eeuwige beloning.

Ze zeggen dat tijden veranderen, maar sommige dingen zullen altijd hetzelfde blijven.

Geen opmerkingen: